Twee dagen voor zijn zestigste verjaardag stond Libben in mijn studio.
Voor een portret met zijn zoon Rafael.
Een verjaardag waarvan hij eerder dacht:
die haal ik misschien niet meer.
Libben is uitbehandeld. Ongeneeslijk ziek.
Maar soms is het lichaam eigenwijzer
dan de medische logica.
En soms wint de wil het, even,
van de krachten die wegglippen.
Hij kwam, niet zonder moeite. De pijn zat diep.
Dat was zichtbaar, voelbaar.
Maar hij stond er.
Omdat sommige dingen nog gezegd kunnen worden
zonder woorden.
Omdat een beeld kan blijven spreken,
juist als het lichaam stiller wordt.
In de studio hoefde niets verstopt te worden.
Niet de pijn, niet de broze houdingen,
maar ook niet de fierheid,
de stille trots van een vader naast zijn zoon.
Libben en Rafael nemen het leven zoals het komt.
Niet groter maken dan het is, niet kleiner ook.
Ze wandelen mee met wat het leven nog geeft.
Zonder illusies, maar met open ogen.
En deze beelden dragen dat in zich.
Zij blijven, als de tijd het niet meer doet.