Soms leg je geen mensen vast,
maar iets dat groter is dan woorden.
Joep en Len.
Vader en zoon.
Twee harten die zich vasthouden
in een wereld die hen iets heeft afgepakt
en tegelijk zoveel heeft gegeven.
We zagen elkaar weer,
in een zachte ruimte vol rouw en herinnering.
We spraken over haar. Over Jaimy.
Over hoe het gemis niet zachter wordt,
maar een plek vindt tussen de dagen door.
Hoe liefde en verlies zo met elkaar verweven zijn,
dat ze niet meer los van elkaar bestaan.
En tussen die gesprekken,
tussen het luisteren en het voelen,
maakte ik beelden.
En dit is wat ik zag.
Een vader die zijn zoon laat voelen:
Ik ben hier.
Hier is mijn hand.
Ik zie je.
Ik vang je als je valt.
Ik vlieg met je mee,
ook als ik zelf nog moet leren landen.
En dan is daar Len.
Met zijn grote ogen en kleine lijf.
Hij herinnert, zonder woorden, aan wat blijft.
Dat liefde het verlies overstijgt.
Jaimy is in alles.
In elke blik omhoog,
in elke hand die wordt vastgehouden,
in elk beeld dat we maken.